Rukken Conjugation - Hollandaca

Son güncelleme: 11.08.2014 21:56
  • hollandaca fiil çekimleri - rukken fiilinin hollandaca çekimi - rukken fiilini hollandaca çekimle
    onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)

    ik ruk
    jij (je) rukt
    hij/zij/het rukt
    wij (we) rukken
    jullie rukken
    zij (ze) rukken

    onvoltooid verleden tijd (ovt)

    ik rukte
    jij (je) rukte
    hij/zij/het rukte
    wij (we) rukten
    jullie rukten
    zij (ze) rukten

    voltooid tegenwoordige tijd (vtt)

    ik heb gerukt
    jij (je) hebt gerukt
    hij/zij/het heeft gerukt
    wij (we) hebben gerukt
    jullie hebben gerukt
    zij (ze) hebben gerukt

    voltooid verleden tijd (vvt)

    ik had gerukt
    jij (je) had gerukt
    hij/zij/het had gerukt
    wij (we) hadden gerukt
    jullie hadden gerukt
    zij (ze) hadden gerukt

    onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)

    ik zal rukken
    jij (je) zult rukken
    hij/zij/het zal rukken
    wij (we) zullen rukken
    jullie zullen rukken
    zij (ze) zullen rukken

    voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)

    ik zal gerukt hebben
    jij (je) zult gerukt hebben
    hij/zij/het zal gerukt hebben
    wij (we) zullen gerukt hebben
    jullie zullen gerukt hebben
    zij (ze) zullen gerukt hebben


    onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)

    ik zou rukken
    jij (je) zou rukken
    hij/zij/het zou rukken
    wij (we) zouden rukken
    jullie zouden rukken
    zij (ze) zouden rukken

    voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)

    ik zou gerukt hebben
    jij (je) zou gerukt hebben
    hij/zij/het zou gerukt hebben
    wij (we) zouden gerukt hebben
    jullie zouden gerukt hebben
    zij (ze) zouden gerukt hebben

    gebiedende wijs

    jij (je) ruk
    jullie ruk


    onvoltooid deelwoord

    rukkend

    voltooid deelwoord

    gerukt

    alıntı
#11.08.2014 21:56 0 0 0