ortakoy

ortakoy

Üye
13.11.2009
Onbaşı
558
Hakkında

  • < 7 >

    vader - moeder baba_anne

    slim - dom kurnaz_aptal

    koud - warm soguk_sıcak

    haat - liefde nefret_sevgi

    open - dicht açık_kapalı

    onderkant - bovenkant alt taraf _üst taraf

    diep - ondiep derin_derin değil

    druk - stil kalabalık_sakın

    eerste - laatste ilk_son

    praten - zwijgen konuşmak _susmak

    najaar - voorjaar sonbahar_ilkbahar

    zichtbaar - onzichtbaar görülür_görünmez

    zeker - onzeker kesin_belirsiz

    modern - ouderwets modern_eskı moda(modası geçmiş)

    nauw - wijd dar_geniş

    verstandig - onverstandig akıllı_akılsız

    een - geen bır_degil

    vers - bedorven taze _bayat

    dapper - bang cesur_korkak

    duur - goedkoop pahalı_ucuz
#30.03.2010 10:29 0 0 0
  • < 6 >

    ergens - nergens biryerde_hiçbiryerde

    nodig - onnodig gerekli_gereksiz

    nadeel - voordeel zarar_fayda

    hol - bol iç bükey_dış bükey

    andere - dezelfde farklı_aynı

    vlug - langzaam hızlı_yavaş

    zus - broer abla_abi

    vroeg - laat erken_geç

    binnenland - buitenland yurtiçi_yurtdışı

    in - uit içinde_dışında

    nacht - dag gece_gündüz

    licht - zwaar hafif_agır

    bezet - vrij işgal_özgür

    legaal - illegaal yasal_yasa dışı

    gezakt - geslaagd başarısız_başarılı

    geschoren - ongeschoren tıraş_tıraşsız

    trouwen - scheiden evlenmek_ayrılmak(Allah korusun)

    verplicht - vrijblijvend zorunlu_zorunlu olmadan_(serbest)

    accepteren - weigeren kabul etmek_red etmek

    inclusief - exclusief dahil_öznel
#30.03.2010 10:24 0 0 0
  • < 5 >

    wit - zwart beyaz_siyah

    mooi - lelijk güzel_çirkin

    netjes - slordig düzenli_düzensiz

    hard - zacht sert_yumuşak

    maximaal - minimaal en fazla_en az

    leuk - vervelend hoş_sıkıcı

    precies - ongeveer aşagı_yukarı

    nieuw - oud yeni_eski

    niet - wel yok_var

    goed - fout dogru_yanlış

    laag - hoog alçak_yüksek

    ja - nee evet_hayır

    interessant - saai enteresan_monoton

    samen - alleen birlikte_yalnız

    openbaar - privé kamusal_kişisel

    oorlog - vrede savaş_barış

    plus - min (+)artı_eksi(-)

    veel - weinig çok _az

    kapot - heel bozuk_tam

    nooit - altijd hiçbirzaman _herzaman
#30.03.2010 10:17 0 0 0
  • < 4 >

    slecht - goed kötü_iyi

    iemand - niemand birisi_hiç kimse

    optimist - pessimist iyimser_kötümser

    glanzend - dof parlak_mat

    iets - niets birşey_hiçbirsey

    te vroeg - te laat erken_geç

    glad - stroef düzgün_pürüzlü

    recht - krom dogru_egri

    normaal - abnormaal normal_anormal

    ingang - uitgang giriş_çıkış

    mis - raak isabetsiz_isabetli

    neef - nicht oglan yegen _kız yegen

    jongen - meisje oglen_kız

    omhoog - omlaag yukarı_aşagı

    breedte - lengte genişlik_uzunluk

    kind - volwassene cocuk_yetişkin

    erna - ervoor sonra_önce

    vies - lekker igrenç_lezzetli

    mogelijk - onmogelijk mümkün _imkansız

    kort - lang kısa_uzun
#30.03.2010 10:12 0 0 0
  • < 3 >

    passief - actief pasif_aktif

    lui - ijverig tembel_çalışkan

    grof - fijn kaba_zarif

    zwak - sterk kuvvetsiz(çelimsiz)_güçlü

    expres - per ongeluk kasten_kazara

    einde - begin bitiş_başlangınç

    eten - drinken yemek_içmek

    vrouw - man kadın_erkek

    altijd - nooit herzaman_hiçbirzaman

    meer - minder daha çok_az

    even - oneven çift _tek

    vuil - schoon pis_temiz

    leeg - vol boş_dolu

    later - vroeger geç_erken

    boven - onder yukarı_aşagı

    zomer - winter yaz_kış

    eerlijk - oneerlijk dürüst_sahtekar

    snel - langzaam hızlı_yavaş

    mager - vet az yaglı_yaglı

    ziek - gezond hasta_saglıklı
#30.03.2010 10:06 0 0 0
  • © abc-wandeling.nl
    < 2 >

    links - rechts sol_sağ

    volgende - vorige geçmiş_gelecek

    vijand - vriend düşman_dost

    bekend - onbekend tanıdık_yabancı

    licht - donker açık_koyu

    hier - daar bura_ora

    bijzonder - gewoon tuhaf_normal

    alles - niets herşey_hiçbirşey

    droog - nat kuru_ ıslak

    binnen - buiten içeri_dışarı

    makkelijk - moeilijk kolay_zor

    vriendelijk - onvriendelijk merhametli_merhametsiz

    tam - wild uysal_vahşi

    eenvoudig - ingewikkeld basit_zor

    noord - zuid kuzey _güney

    juist - onjuist doğru_yanlış

    stout - lief yaramaz_degerli (haylaz_sevimli)

    oud - jong yaşlı genç

    honger - dorst açlık_susuzluk

    toekomst - verleden gelecek_geçmiş
#30.03.2010 10:00 0 0 0
  • Voorbeeld tegenstellingen "Inburgering"

    © abc-wandeling.nl
    Arkadaşlar elimden geldigi kadar sizlere yardımcı olmaya çalışacagım
    < 1 >
    internationaal - nationaal evrensel_ulusal

    groot - klein büyük_küçük

    traag - snel yavaş_hızlı

    anti -pro karşı_için

    import - export ithalat_ihracat

    extern - intern dışarıdan_içeriden

    subjectief - objectief öznel_nesnel

    verlies - winst (ziyan) zarar_karanç

    negatief - positief olumsuz_olumlu

    arm - rijk fakir_zengin

    huilen - lachen ağlamak_gülmek

    voornaam - achternaam isim_soyat

    breed - smal geniş_dar

    los - vast gevşek_sıkı

    troebel - helder bulanık_ berrak

    ongewoon - gewoon anormal _normal

    bedroefd - blij mahzun_mutlu

    afwezig - aanwezig mevcut olmayan_mevctu

    onvoorzichtig - voorzichtig dikkatsiz_dikkatli

    onbewust - bewust şuursuz_şuurlu
#30.03.2010 09:51 0 0 0
#30.03.2010 09:36 0 0 0
  • Voorbeeld tegenstellingen "Inburgering"

    © abc-wandeling.nl

    < 1 >

    internationaal - nationaal

    groot - klein

    traag - snel

    anti - pro

    import - export

    extern - intern

    subjectief - objectief

    verlies - winst

    negatief - positief

    arm - rijk

    huilen - lachen

    voornaam - achternaam

    breed - smal

    los - vast

    troebel - helder

    ongewoon - gewoon

    bedroefd - blij

    afwezig - aanwezig

    onvoorzichtig - voorzichtig

    onbewust - bewust

    © abc-wandeling.nl
    < 2 >

    links - rechts

    volgende - vorige

    vijand - vriend

    bekend - onbekend

    licht - donker

    hier - daar

    bijzonder - gewoon

    alles - niets

    droog - nat

    binnen - buiten

    makkelijk - moeilijk

    vriendelijk - onvriendelijk

    tam - wild

    eenvoudig - ingewikkeld

    noord - zuid

    juist - onjuist

    stout - lief

    oud - jong

    honger - dorst

    toekomst - verleden

    © abc-wandeling.nl

    < 3 >

    passief - actief

    lui - ijverig

    grof - fijn

    zwak - sterk

    expres - per ongeluk

    einde - begin

    eten - drinken

    vrouw - man

    altijd - nooit

    meer - minder

    even - oneven

    vuil - schoon

    leeg - vol

    later - vroeger

    boven - onder

    zomer - winter

    eerlijk - oneerlijk

    snel - langzaam

    mager - vet

    ziek - gezond

    © abc-wandeling.nl
    < 4 >

    slecht - goed

    iemand - niemand

    optimist - pessimist

    glanzend - dof

    iets - niets

    te vroeg - te laat

    glad - stroef

    recht - krom

    normaal - abnormaal

    ingang - uitgang

    mis - raak

    neef - nicht

    jongen - meisje

    omhoog - omlaag

    breedte - lengte

    kind - volwassene

    erna - ervoor

    vies - lekker

    mogelijk - onmogelijk

    kort - lang

    © abc-wandeling.nl

    < 5 >

    wit - zwart

    mooi - lelijk

    netjes - slordig

    hard - zacht

    maximaal - minimaal

    leuk - vervelend

    precies - ongeveer

    nieuw - oud

    niet - wel

    goed - fout

    laag - hoog

    ja - nee

    interessant - saai

    samen - alleen

    openbaar - privé

    oorlog - vrede

    plus - min

    veel - weinig

    kapot - heel

    nooit - altijd

    © abc-wandeling.nl
    < 6 >

    ergens - nergens

    nodig - onnodig

    nadeel - voordeel

    hol - bol

    andere - dezelfde

    vlug - langzaam

    zus - broer

    vroeg - laat

    binnenland - buitenland

    in - uit

    nacht - dag

    licht - zwaar

    bezet - vrij

    legaal - illegaal

    gezakt - geslaagd

    geschoren - ongeschoren

    trouwen - scheiden

    verplicht - vrijblijvend

    accepteren - weigeren

    inclusief - exclusief

    © abc-wandeling.nl

    < 7 >

    vader - moeder

    slim - dom

    koud - warm

    haat - liefde

    open - dicht

    onderkant - bovenkant

    diep - ondiep

    druk - stil

    eerste - laatste

    praten - zwijgen

    najaar - voorjaar

    zichtbaar - onzichtbaar

    zeker - onzeker

    modern - ouderwets

    nauw - wijd

    verstandig - onverstandig

    een - geen

    vers - bedorven

    dapper - bang

    duur - goedkoop

    © abc-wandeling.nl
    < 8 >

    vriezen - dooien

    straffen - belonen

    versnellen - vertragen

    geven - nemen

    winnen - verliezen

    aanvallen - verdedigen

    sympathiek - onaardig

    strak - ruim

    stilstand - beweging

    stijgen - dalen

    staanplaats - zitplaats

    stiekem - openhartig

    schaarste - overvloed

    start - eindstreep

    sparen - besteden

    smeken - bevelen

    smaakvol - smakeloos

    sluiten - openen

    schriftelijk - mondeling

    serieus - speels

    © abc-wandeling.nl

    < 9 >

    voorkant - achterkant

    heren - dames

    dit - dat

    deze - die

    gebruikt - ongebruikt

    leven - dood

    bot - scherp

    aardig - onaardig

    beneden - boven

    dik - dun

    geduldig - ongeduldig

    bijna - helemaal

    gierig - gul

    beleefd - onbeleefd

    vraag - antwoord

    achter - voor

    beter - slechter

    heen - terug

    dichtbij - veraf

    geschikt - ongeschikt

    © abc-wandeling.nl
    < 10 >

    stedeling - provinciaal

    aankleden - uitkleden

    opzetten - afzetten

    aandoen - uitdoen

    omdoen - afdoen

    zon - maan

    voorin - achterin

    tegen - voor

    oost - west

    noord - zuid

    ochtend - avond

    aan - uit

    daarna - daarvoor

    gisteren - vandaag

    hierna - hiervoor

    houden van - haten

    mannelijk - vrouwelijk

    meneer - mevrouw

    toekomst - verleden

    opa - oma

    © abc-wandeling.nl
#30.03.2010 09:30 0 0 0
  • ARKADAŞLAR BEN BIDE 11 ADET DENEME SINAV SORULARININ CEVAPLARINI YAZDIM DIYE BIR BAŞLIK ACMISTIM ORDAKI SORULAR TIN KODUYLA YAPILAN SINAVDA ÇIKIYO HERKESE KOLAY GELSIN
#29.03.2010 14:17 0 0 0
  • TIN KODUYLA SINAV arkadaşlar ben size kendi yapmıs oldugum tın koduyla sınavı yazacagım.Arkadaşlar ben sınava 25,02,2010perşembe günü saat1:30 da yaptım.O gün Peygamper efendimizin dünyayı tesrif ettıgı gundu , onun hurmetine rabıme dua ederek sınav yapmayı düşündüm.Ama hiç kendimi hazır hissetmıyordum,bı ara vaz geçmeyi düşündüm sınava hazır olmadıgımı düşünüyodum , kesın yapamam ben bunu dıyodum neyse dedım ben bı şansımı deneyım olmassa daha çok hazırlanırım dedim ve Bismillah deyıp telefonu tuşladım.Telefonun tuşlarına basıyorum ama ellerım nasıl titriyo anlatamam.Neyse sınav başladı bana bi rahatlık geldi Rabbıme bınlerce şükürler olsun.Tın koduyla yapılan sınav bende kı dosyalarla aynı çıktı analdım kı bütün tın koduyla yapılan sınav aynıymış.İnşallah gercek sınavda herkes için böyle kolay olur ve inşallah Rabbımın izniyle kazanırız.Amin

    Yapmamız gereken telefon numarası:+31.20.851.5223 nı tuşlayın.Bilgisayar hollandaca cevap verir.

    1 Dank u voor het bellen met toetssysteem van Ordinate.Toets uw ToetsldentificatieNummer in.(Ordinate sınav sistemini aradıgınız için tesekkür ederiz.Lütfen sınav indentifikasyon numaranızı tuşlayın ) _(yanı tin kodunu tuşlayın)
    Telefon tuşlarıyla (8 haneli) TIN KODUNUZU girin .Tın kodunu dogru girdiginiz zaman, bilgisayar hattın düzgün olup olmadıgını kontrol edecektir.

    2 We testen eerst het geluid.Zeg alstublieft de naam van de stad en van het land waar u nu bent. (Önce ses kontrolü yapacagız.Lütfen , şu anda bulundugunuz şehrin ve ülkenin isimlerini söyleyiniz)_ Sakın olun net bır biçimde ANKARA ,TÜRKİJE deyın.
    Net bir biçimde ,içinde bulundugunuz şehrin ve ülkenin adını söyleyin.(Arzu ederseniz , başka bir sehır ve ülke adı da söyleyebılırsınız.Eger sesiniz yeterınce duyulmuyorsa , sizden tekrar etmenızi isteyecektir.
    Bilgisayar sesinizin iyi duyup duyulmadıgını kontrol edecektir.

    3 Volg nu de instructies bij deel A tot en met E. (Şimdi ,bölüm A' dan E 'ye kadar verilen talimatlara uyunuz.Başarılar arkadaslar NOT :''BEN KENDİ YAPTIGIM TIN KODUYLA SINAVI YAZIYORUM AMA HEPSİ BİRBİRİNE ÇOK BENZİYO SADECE BİR KAC DEGIŞIKLİK YAPIYORLAR.''

    WELKOM BİJ HET EXAN-MEN NEDERLANDSE TAAL
    DEEL A NAZEGGEN:
    U hoort steeds een zin.Zeg de zin precies na .Bijvoorbeeld: een stem zegt:''DAT İS EEN MOOİ VERHAAL''en u zegt:''DAT İS EEN MOOİ VERHAAL'' Diyerek bunu tekrar edeceksiniz.NU İS EEN U WOORT LAASTE NAAR DE ZİN EEN ZEG PRESİES NA DAT U WOORT.
    1 De volgende keer betaal ik.
    2Heeft u terug van vijftig euro?
    3We gaan daar de volgende les mee verder.
    4. Hij moet het wat rustiger aan gaan doen.
    5Het moet in januari klaar zijn.
    6Hij gaat ieder weekend vissen.
    7 Dat was een pijnlijke vergissing.
    DEEL :B VRAGEN
    U hoort steeds een koret vraag.Geef op elke vraag een kort antwoordt.Bijvoorbeeld:een stem zegt''Is januari een maand of een dag?''En u zegt'':maand ''of ''een maand''.
    een stem zegt''Een auto heeft die twee wielen of vier wielen?''En u zegt :'' vier'' of ''vier wielen''.Nu is een u woordt.Luistert naar de vragen en geeft dan u woordt.
    1 Uur, hoeveel kwartier is dat ?VİER KWARTİER
    2 Is een kerk een gebouw of poort ?EEN GEBOUW
    3 Wat kun je doen met een mes ?snijden
    4 Hoe noem je iemand die niet kan horen?EEN DOOF
    5 Als iets ingewikkeld is, is het dan makkelijk of moeilijk?MOEİLİJK
    6Wat is langer, een been of een arm?EEN BEEN
    7 Fiets je op een rivier of op een pad ?OP EEN PAD
    8Kun je melk eten of drinken ?DRİNKEN
    DEEL C: NAZEGGEN:
    U hoort steeds een zin.Zeg de zin precies na .Bijvoorbeeld: een stem zegt:''DAT İS EEN MOOİ VERHAAL''en u zegt:''DAT İS EEN MOOİ VERHAAL'' Diyerek bunu tekrar edeceksiniz.NU İS EEN U WOORT LAASTSE NAAR DE ZİN EEN ZEG PRECİES NA DAT U WOORT.
    1Daar heb ik nog nooit van gehoord.
    2Door de harde regen zijn veel planten beschadigd.
    3Dat kun je op je vingers natellen
    4Twee is de veel.
    5 Ik weet niet hoe dat kon gebeuren
    6We zien geen oplossing voor uw probleem.
    7Als ze tenminste op tijd zijn
    8Wie is er aan de beurt ?
    DEEL D TEGENSTELLİNGEN:
    U hoort steeds een woord.U zegt het tegenovergestelde .Bijvoorbeeld: u hoort:''hoog'' dan zegt u ''laag''
    of u hoort:''niet''of dan zegt u''wel''Nu is een u woordt.Laastse naar het woordt en zegt een tegengestelde woordt.
    Achterin_Voorin
    ochtend_avond
    oorlog_vrede
    liefde_haat
    vredig_onvredig
    eerna_eervoor
    ONDERDEEL E:
    U hoort een kort verhaal.U moet het verhaal navertellen.U krijgt daarvoor 30 seconden.Vertel zoveel mogelijk.
    Denk bijvoorbeeld aan:Wie deden er mee?Wat gebeurde er?Waar was het?En :Hoe liep het af?Umoet twee verhaaltjes navertellen.
    Vincent wil niet naar school. Maar.., school is belangrijk als je
    goed werk wilt vinden of geld wilt verdienen.
    Z'n vader zegt: 'het is toch leuk om al je vriendjes te zien op school'.
    Maar Vincent wil geen geld verdienen, en hij heeft niet zoveel vriendjes.
    Hij gaat naar de haven om naar de boten te kijken.
    Hij droomt van verre landen.

    Dit verhaal gaat over (bu hikayenın konusu)Vincent , naar school, maar goed ,werk vriend,geld.İk heb het verhaal niet begrijpen omdat het te snel was.(ben hikayeyı anlamadım , çünkü çok hızlıydı.)İk heb het niet kunnen onthouden,sorry.(üzgünüm unuttum ,hatırlamıyorum) bıde Nederland ligt in Europa, diyebildim.
    Op het strand staat een harde wind.Henk en Jan zijn aan het voetballen.Vlakbij ligt een man op het strand te slapen.Jan schiet de bal naar Henk,maar door de wind gaat het mis.De bal komt op het hooft van de man terecht.De man schrikt wakker en roept heel boos:Jongens kijk nou toch eens uit.Henk en Jan zeggen:Sorry meneer het kwam door de wind.Oh zegt de man,dan is het niet erg, mag ik ook meespelen?Ik ben nu toch wakker.
    Dit verhaal gaat over (bu hikayenın konusu)Henk en Jan ,strand, harde wind,voetballen,de man ,slapen.
    .İk heb het verhaal niet begrijpen omdat het te snel was.(ben hikayeyı anlamadım , çünkü çok hızlıydı.)İk heb het niet kunnen onthouden,sorry.(üzgünüm unuttum ,hatırlamıyorum) ık ben Ortakoy.İk ben eenentwentig jaar.Alwast bedank,diyebildim.
    ''Dank u voor het bellen.U kunt nu ophangen.''Dan kunt u ophangen.
    NOT:hER TIN KODU SADECE BİR KULLANIMA MAHSUSTUR.eGER BAGLANTI YANLISLIKLA KESILIRSE YADA HAT KAPNIRSA ,GİRMİŞ OLDUGUNUZ TIN KODUNU YENIDEN KULLANAMASSINIZ.
    Deneme sınavındaki soruları tamamladıktan sonra , sınav sonuçu internette açıklanıyor.Bunun için www.naarnederland.nl web sitesınde girin ve Uitslag proefexamen (deneme sınav sonuçları) tıklayın ve sınavın sonucuna bakın .Arkadaşlar benımkı %95 çıktı ama bu tın koduyla yapılan sınav bende 2farklı ceşidi vardı ben onu dinledıgım için bu kadar çok puan aldıgımı düşünüyorum.Bide sınavda hiç susmadım her duydugumu söyledim.İnşallah herkes gercek sınavı cok kolay olur ve hayırlısıyla kazanırız.Arkadaşlar inşallah yardımcı olmuşumdur sizlere Rabbım herkesın yar ve yardımcısı olsun tabı benımde.kolay gelsin herkese.
#29.03.2010 14:16 0 0 0
  • Zijn wielen rond of vierkant? rond ( tekerlekler yuvarlak yada kare mı?)
    kardeşim yanlış mı yazmısım dıyecem ama bak şimdi yazdıgım yerden kopyaladım yapıstırdım
#26.03.2010 08:02 0 0 0
#25.03.2010 14:04 0 0 0
  • Arkadaşlar sınava iyi çalısın ama anlayarak calısmayı deneyın sınav esnasında fazla heycanlanmayın ve fazla sitres yapmayın en büyük düşmanlarımız heycan ve sitrestır.
    Sınavda hepsinde en az iki tane yaparsanız sınavı gecersınız sınavı kafanızda büyütmeyin.Rabbim yar ve yardımcınız ve yardımcım olsun insallah herkes için sınav çok kolay olur inşallah herkes hayırlısıyla kazanır ve sevdıgıne kavuşur darısı bana olsun HERKESE BAŞARILAR
#24.03.2010 09:59 0 0 0
  • BÖLÜM E VERHALEN HİKAYE
    arkadaşlar hikaye bölümü hepimizin cok takıldıgı ve cok bılmedıgımız bı konu bunun icin bazı sıte ismi vereyım onlara dınlen ve nasıl anlatacagınızı yazacagım http://www.minipret.nl/verhaal-luist...ellestjes.html http://www.zinnigeverhalen.nl/zinnig...ister_verhalen hergün bır tane hikaye dinleyin ve anlamaya calısın,kelimeleri yakalamaya calişın anlatmaya şöyle baslayın DİT VEHAAL GAAT OVER , Henk en Jan , strand, voetballen, wind ... bu hikayenin konusu henk ve jan, sokak top oynamak, rüzgar ... yanı o an aklınızda ne kaldıysa söyleyın sonra DAT İS EEN MOOİ VERHAAL (BU GÜZEL BI HIKAYE DEYIN) ,yada IK HEB HET VERHAAL NİET BEGRİJPEN OMDAT HET TE SNEL WAS.( ben hıkayeden birsey anlamadım cok hızlıylı) IK HEB HET NİET KUNNEN ONTHOUDEN, SORRY.(üzgünüm unuttum hatırlamıyorum deyınAma en önemli olan hikayeyı anlatmaktır vakıt kalırsa bıde o ankı heycanla sitresle bunları unutursanız susmaktansa kendınızı tanıtın . Bunları anlayarak ezberleyın. sınavda olurya bunlar aklınıza gelmesse kendınızı tanıtın
    ık ben ortakoy
    ık ben eeneentwentıg jaar
    ık ben student (automonteur, huisvrouw)
    ık woon ın aksaray
    mijn hobby's sporten, voetballen, kijk naar de tv,luistert naar de müziek.
    ık heb niet veel vrije tijd
    ık heb drie Middelbare school afgemaakt
    ık heb een havo :(atheneum)-diploma.
    mıjn man heet .....kocamın ismi
    mijn vrouw heet ....karımın ismi
    zijn werk in een automonteur, een arbeider ,een werknemer, een huisvrouw
    zijn woont in utrecht( amsterdam, den haag)
    ık vind Nederlands een beetje moeilijk.
    ik begrijp Nederlands maar ik kan het een beetje spreken.
    als ik slaag voor mijn examen dan ga ık naar NEDERLAND
    alwast bedankt
    adım ortakoy
    21 yasındayım
    ögrenciyim(memurum, ev hanımıyım vb.
    aksarayda oturuyorum
    hobilerim spor yapmak , futbol oynamak , tv ye bakmak,müzik dinlemek vb
    fazla boş vaktim olmuyor.
    ben ortaokul mezunuyum
    ben lise mezunuyum
    kocamın ismi, yada karımın ismi
    onun işi arabatamırcısı,memur. işçi,ev hanımı
    o utrechte(amsterdam, den haag) oturuyor
    bence hollandaca biraz zor
    hollandaca anlarım ama biraz konusabılırım
    eger sınavı kazanırsam hollandaya gıdecem
    herkese tesekkurler
    arkadaslar bunlarıda yapamazsanız aklınızda ne gelıyosa onu söyleyın ayları ,günleri,mevsimleri yok bisey gelmıyosa 1den baslayın sayıları sayın yeter kı susmayın
    aynı zamanda hollandayıda tanıtabılırsınız zaten sınavın bırıncı bölümünde ki foto sorularına benzedigi için kolayca öğrenebilirsiniz basarılar

    Nederland ligt in Europa.
    Der buurlanden van Nederland zijn.Duistland en Belgié.
    De koningin heet Beatrix.
    De prins heet William Alexander en zijn vrouw heet prenses Maxima.
    De vier grote staden van Nederland zijn,
    Amsterdam,Roterdam,Den haag en Utrecht.
    Deze samen randstad genoemd.
#24.03.2010 09:54 0 0 0
  • tegenstellingen 2
    achternaam voornaam ad soyat

    alles niets herşey hicbirsey

    arm rijk fakir zengin

    begin einde baslangıç bitiş

    binnenkant buitenkant içeride dışarıda

    binnenland buitenland yurtiçi yurtdışı

    broer zus abi abla

    dames heren bayan bay

    dorp stad köy şehir

    geluk ongeluk mutlu mutsuz

    hand voet ayak el

    honger dorst aç susuz

    iemand niemand birisi hiçkimse

    ingang uitgang içeri dişari

    kind volwassene çoçuk yetişkin

    lawaai stilte gürültü sessizlik

    lengte breedte uzunluk genişlik

    man vrouw adam kadın

    meneer mevrouw beyefendi hanımefendi
    neef nicht oğlan yeğen kız yeğen

    ochtend avond sabah akşam

    onderkant bovenkant alt taraf üst taraf

    oom tante amca teyze

    oorlog vrede savaş barış

    opa oma dede ebe




    optimist pessimist iyimser kötümser

    ouders kinderen annebaba çocuk

    overwinning nederlaag galibiyet malubiyet

    succes mislukking başarı başarısızlık

    voordeel nadeel yarar zarar

    voorjaar najaar ilk bahar son bahar

    voorkant achterkant ön taraf arka taraf

    vraag antwoord soru cevap

    vriend vijand arkadaş düşman

    winst verlies yarar zarar

    winter zomer kış yaz

    zon schaduw güneş gölge

    zonsopgang zonsondergang güneşin doğması güneşin batması

    aandoen uitdoen giyinmek soyunmak

    aankleden uitkleden giyinmek soyunmak

    beginnen stoppen başlamak bitirmek

    bekennen ontkennen tanıdık yabancı

    branden blussen yakmak söndürmek

    delen vermenigvuldigen bölmek çarpmak

    drijven zinken sürmek inmek

    eten drinken yemek içmek

    geven krijgen almak vermek

    groeien krimpen büyümek küçültmek

    inladen uitladen yükselmek alçalmak

    inpakken uitpakken sarmak açmak




    komen gaan gelmek gitmek

    kopen verkopen satın almak satmak

    leven sterven yaşamak ölmek

    lukken mislukken başarmak başarısızlık

    onthouden vergeten hatırlamak unutmak

    openen sluiten açmak kapatmak

    optellen aftrekken toplamak çıkarmak

    praten zwijgen konuşmak susmak

    slagen zakken kalkmak düşmek

    slapen wakker uyumak uyanmak

    staan zitten dikilmek oturmak

    stijgen dalen yükselmek düşmek

    stoppen doorgaaan durmak gitmek

    trouwen scheiden evlenmek ayrılmak

    vergeten herinneren unutmak hatırlamak

    verhogen verlagen yükselmek alçalmak

    verschijnen verdwijnen görünmek görünmez

    vinden verliezen bulmak kaybetmek
    winnen verliezen kazanmak kaybetmek

    vrolijk verdrietig mutlu üzgün

    herfst lente sonbahar ilkbahar

    eerder later daha önce sonra

    vriezen dooien yanmak donmak

    arkadaslar bana bu kadar zıt anlamlı kelımeler yetmez dersenız http://www.wandel-abc.nl/leerwandeling/ ... gering.htm
    ye bakabilirsiniz allah yar ve yardımcınız olsun tabı benımde allah zihin acıklıgı versın kolay gelsın hepinize
#24.03.2010 09:48 0 0 0
  • BÖLÜM D TEGENSTELLİNGEN
    ARKADAŞLAR BU BÖLÜMDE EZBER YAPMANIZ GEREKİYO AMA ANLAYARAK EZBER YAPIN BU BÖLÜMÜ FAZLA DERT ETMEYIN ÇÜNKÜ KELİMENIN BAŞINA ''ON '' YADA ''NİET '' KOYARAK O KLİMEYI OLUMSUZ YAPABİLİRSİNİZ,
    sesli olarak zıt anlamlı kelımelere calısın ögrenebılırsınız www.buitenlandsepartner.nl/oefenmateriaal/
    TEGENSTELLİNGEN1
    dik dun _ kalın ince

    klein groot_ kücük büyük

    nauw breed _ dar geniş

    lang kort_ uzun kısa

    liefde haat_ sevgi nefret

    oorlog vrede_ savaş barıs

    laatste eerste sonuncu ılkıncı

    donker licht kapalı acık
    zwart wit siyah beyaz

    ochtend avond sabah aksam

    dag nacht gün gece

    zwaar licht agır hafıf

    leuk saai hoş sıkıcı

    aanwezig afwezig mevcut mevcut olmayan

    altijd nooit herzaman hıcbır zaman

    vaak soms sık sık bazen

    traag snel yavas hızlı

    langzaam vlug yavas hızlı

    negatief positief olumsuz olumlu

    arm rijk fakır zengın

    ouderwets modern eskı moda modern


    noord zuid kuzey güney

    oost west dogu batı

    best slechtst en ıyı kötü

    voor tegen icin karsı
    dicht open kapalı acık

    hoog laag yüksek alcak

    vorige volgende gecmıs gelecek

    boven beneden yukarı asagı

    goed slecht iyi kötü

    goed fout dogru yanlış

    mooi lelijk güzel çirkin

    schoon vies temız pis

    duur goedkoop pahalı ucuz

    moe uitgerust yorgun dinç

    dichtbij ver yakın uzak

    voor achter ön arka

    binnen buiten iceri dışarı

    moeilijk gemakkelijk zor kolay

    zoet zuur tatlı eşki

    zoet bitter tatlı acı

    zoet zout tatlı tuzlu

    hard zacht sert yumusak

    boos blij kızgın mutlu

    gelukkig ongelukkig mutlu mutsuz

    koud warm soguk sıcak

    koud heet soguk sıcak

    sterk zwak güclü zayıf

    slim dom kurnaz aptal

    groter kleiner büyük kücük




    oud jong yaslı genc

    gezond ziek saglıklı hasta

    eenvoudig ingewikkeld basıt karmasık

    stil lawaaierig sessızlık gürültü

    vroeg laat erken gec

    ijverig lui calıskan tembel

    vol leeg dolu boş

    moedig laf cesur korkak

    voordeel nadeel avantaj dezavantaj

    waarheid leugen gercek yalan

    waar onwaar dogru yanlıs

    oud nieuw eskı yenı

    levend dood yasamak ölmek

    omhoog omlaag yukarı asagı

    links rechts sol sag

    achterin voorin arka ön

    gisteren morgen dün yarın

    toekomst verleden gelecek gecmıs

    min plus - +

    droog nat kuru ıslak

    opa oma dede ebe

    mannelijk vrouwelijk erkek kadın

    druk rustig kalabalık sakın

    aankomen vertrekken gelmek gıtmek

    retour enkel dönüş gidiş




    dochter zoon kız ogul

    mama papa ana baba

    trouwen scheiden evlenmek ayrılmak

    vrouw man kadın adam

    dorp stad köy sehir

    jongen meisje oglan kız

    niet wel yok var

    na voor sonra önce

    nergens ergens hicbıryerde bir yerde

    knippen plakken kesmek yapıştırmak

    binnenland buitenland yurtici yurtdısı

    dynamisch rustig dinamık sessızlık

    voorzichtig onvoorzichtig dıkkkatlı dıkkatsız

    vriend vijand arkadas düşman

    zeker onzeker emın belırsız

    zichtbaar onzichtbaar görünür görünmez

    gebruikt ongebruikt kullanmak kullanmamak

    geduldig ongeduldig sabırlı sabırsız

    gekreukeld gestreken buruşuk kaplamalı

    gelijk ongelijk haklı haksız

    geluk pech sans sansızlık

    geschikt ongeschikt uygun uygunsuz

    gewoon ongewoon normal anormal

    gezond ongezond saglıklı hasta




    gierig gul acgözlü elı acık

    glad stroef düzgün pürüzlü

    glanzend dof parlak mat

    actief passief etkın pasif

    aardig onaardig nazik kaba

    bang dapper korkak cesur

    bekend onbekend tanıdık yabancı

    beleefd onbeleefd kibar kaba
    onbewust bewust şuurlu şuursuz


    bot scherp kör keskın

    erna ervoor

    daarna daarvoor ondan sonra ondan önce

    dapper laf cesur ödlek

    diep ondiep derin derindegil

    echt onecht gercek yalan

    eerlijk oneerlijk dürüst adaletsiz

    even oneven cift tek

    fijn grof kibar kaba

    handig onhandig becerikli beceriksiz

    helder troebel berrak bulanık

    hierna hiervoor bundan sonra bundan önce

    houden van haten sevmek nefret etmek

    huilen lachen aglamak gülmek

    kapot heel bozuk bütün

    knap dom zekı aptal




    knap lelijk yakısıklı cirkin

    los vast gevsek sıkı

    meer minder fazla za

    meest minst enfazla en az

    nu later simdi sonra

    op onder üstünde altında

    openbaar privé kamusal kişisel

    precies ongeveer tam asagıyukarı

    recht krom dogru egrı

    rond vierkant yuvarlak kare

    samen alleen birlikte yalnız

    schuldig onschuldig suclu suçsuz

    slap stijf gevsek katı

    slordig netjes düzensiz düzenli

    stout lief yaramaz degerli

    tam wild evcıl vahsı

    trekken duwen cekmek itmek

    verdrietig blij mutsuz mutlu

    vet mager yaglı az yaglı

    iemand niemand birisi hıc kımse

    iets niets birsey hicbirsey

    ooit nooit

    broer zus abi abla

    echtgenoot echtgenote koca zevce

    hier daar bura ora




    dames heren bayan bay

    ingang uitgang giriş çıkış

    betalen innen ödemek tahsil etmek

    vrolijk verdrietig mutlu mutsuz

    oom tante dayı(amca) teyze(hala)

    herfst lente sonbahar ilkbahar

    eerder later dahaönce sonra

    vraag antwoord soru cevap

    bijzonder gewoon tuhaf normal

    expres per ongeluk kasıtlı kazara

    ouders kinderen annebaba cocuklar

    aankleden uitkleden gıyınmek soyunmak

    vriezen dooien yanmak donmak

    openen sluiten acmak kapamak

    andere dezelfde başka aynı

    kopen verkopen satın almak satmak

    nu straks şimdi sonra

    lengte breedte uzunluk genişlik

    optellen aftrekken toplamak cıkarmak

    lawaai stilte gürültü sessızlık

    zon maan güneş ay

    schoon vuil temiz pis

    boven onder yukarı aşagı

    geven nemen vermek almak

    niets alles hicbirsey birsey




    winter zomer kış yaz

    delen vermenigvuldigen bölme / çarpma*

    nep echt sahte gercek

    onthouden vergeten hatırlamak unutmak

    lekker vies lezzetli igrenc

    winnen verliezen bulmak kaybetmek

    half heel yarım tüm

    verlagen verhogen asagı yukarı

    komen gaan gelmek gitmek

    erin eruit

    branden blussen yakmak söndürmek

    voorkant achterkant öntaraf arkataraf

    weinig veel az cok

    interessant saai ilginç monoton

    vroeger later erken geç

    praten zwijgen konuşmak susmak

    overwinning nederlaag yenilgi malubiyet

    beter slechter en iyi daha kötü

    stoppen doorgaan durmak gitmek

    eten drinken yemek icmek

    water vuur su ateş

    voorjaar najaar ilkbahar sonbahar

    arm been kol bacak

    mevrouw meneer hanımefendı beyfendi

    samen apart birlikte ayrı




    aarde water toprak su

    hemel hel cennet cehennem

    land water toprak su

    kind volwassene cocuk yetişkin

    toegestaan strafbaar serpest suç

    staan zitten durmak oturmak

    aan uit acmak kapatmak

    wakker slapen uyanmak uyumak

    nicht neef kızyegen oglanyegen

    veel beetje cok biraz

    bijna helemaal hemem hemen tamamen

    horizontaal verticaal

    schrijven wissen yazmak silmek

    enkel dubbel tek çift

    bezig klaar meşgul hazır

    geen een yok bir

    groente fruit sebze meyve

    dit dat bu o

    met zonder ile hariç

    zwemmen verdrinken yüzmek bogulmak

    honger dorst aç susuz

    huwen scheiden evlenmek ayrılmak _allah korusun)

    import export ithalat ihracat

    vooruit achteruit ileride geride

    verdienen uitgeven kazanmak harcamak




    kaal behaard kel tüylü

    stijgen dalen yükselmek düşmek

    blind ziend kör görmek

    meester slaaf sahip köle

    regen zon yağmur güneş

    zee aarde deniz toprak

    snelweg voetpad anayol yayayolu

    raak mis isabetli isabetsiz

    smal breed geniş dar

    enkelvoud meervoud tekil cogul

    vrij gevangen serbest tutuklu

    dame heer bayan bay

    duivel engel seytan melek

    nee ja hayır evet

    lezen schrijven okumak yazmak

    nul een sıfır bir

    eten kotsen yemek

    doof horend sagır duymak

    laden lossen yüklemek boşaltmak

    klimmen dalen tırmanmak düşmek

    aandoen uitdoen giyinmek soyunmak

    getrouwd vrijgezel evli bekar

    winst verlies kar zarar

    groeien krimpen büyültmek kücültmek

    afhankelijk onafhankelijk bagımlı bagımsız
#24.03.2010 09:47 0 0 0
  • nazeggen 5 001 Mijn ouders kopen een nieuw huis.

    002 Mijn ouders zijn erg gelukkig met elkaar

    003 Mijn ouders zijn met vakantie naar Marokko

    004 Mijn schoonvader heeft met de hond gewandeld.

    005 Mijn schoonvader wandelde elke avond met de hond.

    006 Mijn schoonvader wandelt elke avond met de hond.

    007 Mijn sleutels liggen nog thuis

    008 Mijn tante uit Amerika komt overmorgen

    009 Mijn vader heeft gisteren mijn haar geknipt

    010 Mijn vader is achter in de vijftig

    011 Mijn vader werkt bij de supermarkt

    012 Mijn vriend is gek op speelfilms

    013 Mijn vriend wacht buiten op mij

    014 Mijn vriendin is aan het werk.

    015 Mijn vriendin woont om de hoek

    016 Mijn vriendin zit te werken.

    017 Mijn vriendin is bezig met werken.

    018 Mijn vrouw past op de kinderen

    019 Mijn zoontje was in tranen

    020 Mijn zusje huilt bijna elke dag

    021 Mijn zusje van vier gaat naar de crèche

    022 Mijn zusje vouwt de was op

    023 Mijn zussen praten over ditjes en datjes

    024 Moeder doet boodschappen, ze koopt rijst en groente.

    025 Moet je horen wat er in de krant staat.

    026 Morgen is er weer een dag.

    027 Morgen moet hij op voor het examen

    028 Morgen neem ik een vrije dag.

    029 Na regen komt zonneschijn.

    030 Naar mijn mening wordt niet gevraagd

    031 Naar welke school gaat uw kind na de basisschool?

    032 Naar wie waren zij aan het luisteren?

    033 Nederland en Duitsland hebben tegen elkaar gevochten

    034 Nederland heeft de dichtste bevolking van Europa

    035 Nee hè, daar gaan we weer.

    036 Neem je dan gelijk wat melk mee ?

    037 Neem jij de telefoon even aan ?

    038 Neem jij wat geld mee?

    039 Niet met volle mond praten

    040 Nieuwe bezems vegen schoon.

    041 Om twaalf uur is het tijd om naar huis te gaan

    042 Onze dochter is al 15 jaar getrouwd

    043 Onze flat kijkt uit op de markt

    044 Onze kinderen hebben nog 1 oma

    045 Oorlog is het tegenovergestelde van vrede

    046 Op de basisschool zitten kinderen tot 12 jaar

    047 Op de fiets moet je uitkijken voor auto’s

    048 Op de markt koopt zij altijd sinaasappels

    049 Op donderdag heb ik pianoles

    050 Op mijn school zitten 1200 leerlingen

    051 Op woensdagmiddag zijn de schoolkinderen vrij

    052 Op zaterdag gaan we altijd naar de markt

    053 Op zondag zijn bijna alle winkels gesloten

    054 Opa gaat naar Amsterdam, hij gaat naar het consulaat.

    055 Opschieten! Tijd is geld

    056 Over een half uur komt er weer een vliegtuig.

    057 Over koetjes en kalfjes praten.

    058 Pas goed op je broertje

    059 Pas op dat je niet valt

    060 Pas op! Voorzichtig!

    061 Peter doet 1 keer per week boodschappen

    062 Peter speelt op school altijd in de zandbak

    063 Peter vergeet zijn jas aan te trekken

    064 Peter vindt een briefje van tien euro

    065 Petra is gek op zuurkool

    066 Resa woont op kamers

    067 Saida zit op school, ze leert Nederlands.

    068 Sam ruimt zijn kamer op

    069 Sander houdt niet van voetballen

    070 Sarah is blij met haar goede rapport

    071 Schiet op, zo kom je nog te laat op je werk.

    072 Schoonmaken doe ik niet voor mijn lol.

    073 Sinaasappels zijn erg lekker ?

    074 Snel op je tenen getrapt zijn.

    075 Sommige leerlingen wonen buiten de stad

    076 Sommige mannen scheren zich nooit.

    077 Sommige mensen keuren dat gedrag niet goed

    078 Soms kan je beter zwijgen dan praten

    079 Soms was de sloot te vuil, dus konden we niet zwemmen.

    080 Sorry ik kan niet op dinsdag

    081 Spreken is zilver en zwijgen is goud

    082 Spruitjes vind ik niet lekker.

    083 Tante Truus komt morgen, ze is erg aardig.

    084 Tien tegen 1 dat we winnen

    085 Toch is mijn tas soms aardig vol

    086 Tot morgen, half 10

    087 Tot nu toe heb je niets fout

    088 Tot ziens!

    089 Twee is teveel

    090 U gaat bij de volgende stoplichten linksaf

    091 U heeft te hard gereden.

    092 U krijgt over een paar dagen bericht

    093 U moet doorlopen tot aan het stoplicht

    094 U moet hier wachten.

    095 Uit de rivier kon je geen water drinken.

    096 Uit het zicht, uit het hart.

    097 Uit welk land komt u?

    098 Utrecht heeft ook een dichte bevolking

    099 Uw bankpas sturen wij via de post

    100 Van al mijn vrienden is John de aardigste

    101 Van harte beterschap!

    102 Vandaag heb ik anderhalve kilo paprika gekocht

    103 Vandaag is het een mooie dag.

    104 Vandaag is het zo warm dat de mussen van het dak vallen.

    105 Veel mensen vluchten voor oorlogsgeweld

    106 Vind je het goed als ik even je fiets leen ?

    107 Vind jij dat ook niet vervelend?

    108 Vind jij die jongens ook niet lastig ?

    109 Volgende keer beter.

    110 Volgende keer nemen we een paraplu mee.

    111 Volgende week gaan we met vakantie.

    112 Volgens mij heeft hij een oogje op je

    113 Volgens mij is ze gescheiden.

    114 Volgens mij moeten we die kant op.

    115 Voor al die dingen kunnen we op het postkantoor terecht

    116 Voor je vriend moet je opkomen

    117 Voorin de school is de kamer van de directeur

    118 Vorig jaar zijn we naar Marokko gevlogen

    119 Waar denk je aan?

    120 Waar een wil is, is een weg.

    121 Waar heb je het in hemelsnaam over ?

    122 Waar het hart vol van is, stroomt de mond van over.

    123 Waar is dat goed voor?

    124 Waar kijk je naar?

    125 Waar koop je een kaartje voor de trein?

    126 Waar zijn we gebleven?

    127 Waarom doet u dat nou ?

    128 Waarom zeg je niets?

    129 Wanneer ben je jarig ?

    130 Wanneer hebben we vakantie?

    131 Wanneer ik zware dingen koop ga ik op de fiets

    132 Wanneer kom je nu eens op bezoek?

    133 Wanneer ze wakker is, is de zon onder gegaan.

    134 Waren er veel mensen op de vergadering?

    135 Wat ben je aan het doen?

    136 Wat is er aan de hand?

    137 Wat is je voornaam?

    138 Wat is uw adres?

    139 Wat krijgt u ook alweer van me ?

    140 Wat voeren jullie daar uit?

    141 Wat voor mensen doen zulke dingen?

    142 Wat was het resultaat van zijn toets?

    143 Wat zou je doen als je rijk was?

    144 We beginnen steeds in onze eigen taal te praten

    145 We gaan aan tafel

    146 we gaan daar de volgende les mee verder

    147 We gaan om de beurt met de auto

    148 We gaan vandaag ons huiswerk maken

    149 We hadden er geen erg in

    150 We hadden gisteren niet zoveel moeten drinken.

    151 We hebben de trein gemist.

    152 We hebben geen eigen keuken en badkamer

    153 We hebben het meel voor dit brood in de molen gemaakt.

    154 We hebben in februari een week vakantie

    155 We hebben om 8 uur afgesproken.

    156 We kijken uit naar de vakantie

    157 We krijgen maar weinig klachten.

    158 We moeten haast maken

    159 We moeten het wat rustiger aan gaan doen.

    160 We moeten morgen om drie uur bij de tandarts zijn.

    161 We moeten ons voor de voetbal-training opgeven.

    162 We waren blij toen we naar huis mochten.

    163 We zien geen oplossing voor uw probleem.

    164 We zitten aan tafel

    165 Wees toch voorzichtig!

    166 Weet u waar het stadhuis is?

    167 Welke kant gaan we op vanaf hier?

    168 Welke taart zou je willen hebben?

    169 Wie A zegt moet ook B zeggen.

    170 Wie is er aan de beurt?

    171 Wie niet waagt wie niet wint

    172 Wij hebben een klein huis gekocht

    173 Wij hebben een mooie tuin met bloemen

    174 Wij hebben vanmiddag in het bos gewandeld

    175 Wij hebben zin in een spelletje

    176 Wij krijgen morgen een examen voor wiskunde

    177 Wij proberen geen fouten te maken

    178 Wij strijden voor een beter milieu

    179 Wij vinden die man niet aardig

    180 Wij zien het vliegtuig hoog in de lucht

    181 Wij zijn vrienden door dik en dun

    182 Wij zitten gezellig samen te kletsen

    183 Wijs het woord maar aan

    184 Wil je een brief versturen?

    185 Wil je geld opnemen of een pakje versturen?

    186 Zal ik even met u meelopen ?

    187 Ze eten in Nederland veel aardappelen

    188 Ze gaan met de hele familie naar Turkije

    189 Ze geeft hem altijd de schuld

    190 Ze had een erg litteken op haar gezicht.

    191 Ze had een erg litteken op haar gezicht.

    192 Ze had een erg litteken op haar gezicht.

    193 Ze heeft in haar nek een afschuwelijk litteken zitten.

    194 Ze houdt niet van grapjes.

    195 Ze maken een mooi huis van hout.

    196 Ze woont in een huis voor oude mensen

    197 Ze zeggen dat geduld wordt beloond

    198 Ze zoeken weer ruzie

    199 Ze zouden een paraplu hebben moeten meenemen.

    200 Zeki gaat voetballen, hij is lid van een voetbalclub.

    201 Zet de radio eens wat zachter !

    202 Zij brandt haar vingers aan de kachel.

    203 Zij gaan de bloemetjes buiten zetten

    204 Zij heeft de hele nacht doorgereden zonder te stoppen.

    205 Zij heeft veel invloed op haar vriendin

    206 Zij houdt haar broertje voor de gek

    207 Zij komt uit een grote familie

    208 Zij kon bijna niet wachten tot de week om was

    209 Zij kunnen heel goed zwemmen.

    210 Zij zitten met hun handen in het haar.

    211 Zij zullen hard moeten werken.

    212 Zijn er echt geen andere mogelijkheden?

    213 Zijn oom ligt op sterven.

    214 Zijn vrouw had voorkeur voor een huis buiten de stad.

    215 Zit toch niet zo te zeuren.

    216 Zorg dat je een paraplu mee neemt, het gaat vast regenen.

    217 Zou je dat wel willen?

    218 Zou jij dat even voor me willen doen?

    219 Zou u een beetje langzamer kunnen spreken?

    220 Zou u hier even willen wachten?

    221 Zou u me even willen helpen?

    222 Zulke dingen kopen we in een groot warenhuis

    223 Zullen we samen naar de bioscoop gaan?

    224 Zullen we vanavond naar de bioscoop gaan?

    225 Zwemmen in de Noordzee is lekker fris
#24.03.2010 09:41 0 0 0
  • nazeggen 4 001 Ik hoor de wekker niet tikken

    002 Ik hou hem in de gaten

    003 Ik hou mijn zusje in de gaten

    004 Ik hou mijn zusje in de gaten

    005 Ik hou van deze muziek, ik vraag deze plaat aan.

    006 Ik hou van jou.

    007 Ik hou van spelletjes spelen op de computer

    008 Ik kan al wat Nederlands lezen

    009 Ik kan een beetje Nederlands schrijven

    010 Ik kom gelukkig nooit te laat op mijn werk.

    011 Ik kom zo snel mogelijk

    012 Ik leer Nederlands voor mijn plezier

    013 Ik liep je de hele dag te bellen.

    014 Ik logeer bij mijn oma

    015 Ik logeer bij mijn oma

    016 Ik loop de hele dag aan jou te denken.

    017 Ik lust wel een wijntje

    018 Ik maak me zorgen over haar

    019 Ik moet een nieuwe bril.

    020 Ik moet nog even boodschappen doen.

    021 Ik moet nog snel boodschappen doen.

    022 Ik moet nu gaan, anders kom ik te laat.

    023 Ik moet plassen.

    024 Ik moet vandaag nog veel doen.

    025 Ik neem een aspirine tegen de hoofdpijn

    026 Ik praat liever niet tegen hem

    027 Ik raad naar het goede antwoord

    028 Ik reken op je hulp

    029 Ik schaam me voor mijn vuile handen

    030 Ik schaamde me toen ik het antwoord niet wist

    031 Ik schaamde me zo toen ik het antwoord niet wist.

    032 Ik slaag voor mijn examen.

    033 Ik slaagde voor mijn examen.

    034 Ik spaar mijn geld op voor een brommer.

    035 Ik speel met mijn neefje in de speeltuin

    036 Ik spreek mijn vriend elke dag

    037 Ik sta het plafond van mijn huis te verven.

    038 Ik studeer samen met mijn vrienden in dezelfde stad

    039 Ik trek vandaag mijn spijkerbroek aan

    040 Ik twijfel aan de waarheid van dit verhaal

    041 Ik verdien geld met een krantenwijk

    042 Ik vind dit geen goed boek.

    043 Ik vind gekookte eieren lekker

    044 Ik vind het leuk met mensen om te gaan.

    045 Ik vind dat een leuk meisje.

    046 Ik vind dat geen aardige jongen.

    047 Ik voel me al weer een stuk beter.

    048 Ik voel me niet helemaal lekker vandaag.

    049 Ik voel me vandaag niet zo lekker.

    050 Ik was de hele dag bezig met je te bellen.

    051 Ik was je de hele dag aan het bellen.

    052 Ik was vaak te laat op mijn werk.

    053 Ik weet het niet.

    054 Ik weet niet hoe dat kon gebeuren.

    055 Ik werk met vijftig man op 1 afdeling

    056 Ik werk vijf dagen per week, acht uur per dag

    057 Ik wil graag politieagent worden

    058 Ik wil graag twee dozen aardbeien

    059 Ik wil je even wat vragen.

    060 Ik wil je wens vervullen

    061 Ik woon in het centrum van de stad

    062 Ik woon in Lima.

    063 Ik woon naast de drogist

    064 Ik woon samen met mijn familie in een dorp

    065 Ik woon samen met mijn vriend

    066 Ik woonde in Lima.

    067 Ik zal blij zijn als het eindelijk weekend is.

    068 Ik zit een examen te maken.

    069 Ik zit te schrijven.

    070 Ik zou niet meer alleen naar huis gaan als ik u was.

    071 In de herfst vallen de bladeren van de bomen

    072 In de zomer gaan veel mensen op vakantie

    073 In die school wordt vanmiddag een feest gegeven

    074 In geval van nood moet je 112 bellen

    075 In het buitenland schijnt de zon vaker dan in Nederland

    076 In Indonesië is het altijd warm

    077 In Indonesië verbouwen ze veel rijst

    078 In Nederland gebruiken we elke meter land

    079 In Turkije zwemmen de jongens in de rivier.

    080 Is dat huis te koop of te huur?

    081 Is er vanavond nog wat op de televisie ?

    082 Is het goed als ik wat later kom ?

    083 Jan doet soms suiker door de soep

    084 Jan haastte zich om de trein halen.

    085 Jan is liever buiten dan binnen

    086 Jan krijgt geen genoeg van zwemmen

    087 Jan snijdt met het mes.

    088 Jan snijdt zich met het mes.

    089 Jan staat naar de televisie te kijken

    090 Je geeft het energiebedrijf een machtiging

    091 Je hebt groot gelijk

    092 Je hoeft bij deze dokter niet te wachten

    093 Je kunt geen ijzer met handen breken.

    094 Je kunt geld storten op een rekening

    095 Je kunt het beste automatisch betalen

    096 Je kunt ook telefonisch een afspraak maken

    097 Je mag hier maar 80 rijden

    098 Je mag in de bus niet roken

    099 Je moest die zaden niet eten.

    100 Je moet daarvoor op het postkantoor zijn

    101 Je moet geen oude koeien uit de sloot halen

    102 Je moet hem ’s morgens met rust laten

    103 Je moet je niet met die jongen inlaten

    104 Je moet niet zo uit je slof schieten

    105 Je moet onder aan de bladzijde kijken

    106 Je ontmoet gewoonlijk allerlei soorten mensen.

    107 Je weet wel, zo‘n kleine computer

    108 Je zal je niet met mijn werk bemoeien.

    109 Je zoekt dan in je portemonnee klein geld

    110 Je zou eens beter op je woorden moeten letten.

    111 Je zou het wat rustiger aan moeten doen.

    112 Je zou vandaag een jas aan moeten doen.

    113 Jij bent aan het praten.

    114 Jij bent bezig met praten.

    115 Jij gaat morgen naar de dokter

    116 Jij hebt ook altijd wat !

    117 Jij kan dat mooi in je zak steken

    118 Jij loopt me altijd voor de voeten

    119 Jij moet je bord leeg eten

    120 Jij staat te praten.

    121 Jij stond voor aap

    122 Jullie hebben goed gewerkt

    123 Jullie moeten je fiets nu repareren.

    124 Jullie vinden die boeken niet mooi

    125 Ik heb een nieuwe fiets en een oude

    126 Ik heb kou gevat

    127 Kan dat niet wat sneller?

    128 Kan er iemand een dokter bellen ?

    129 Kan iemand misschien een dokter bellen ?

    130 Kan ik me even voorstellen ?

    131 Kan ik u straks even terugbellen, het komt nu niet uit.

    132 Kan ik voor morgen een tafel reserveren ?

    133 Kan je iets meer over jezelf vertellen ?

    134 Kan je me die schroevendraaier even aangeven.

    135 Karim kijkt graag naar de Nederlandse televisie

    136 Karin pikt iets van mijn bord

    137 Kees heeft een tien voor de repetitie.

    138 Kees heeft verstand van computers

    139 Kijk naar het woord

    140 Kijk nou toch eens uit wat je doet.

    141 Kijk uit voor de hete thee

    142 Kleine dingen betaal je meestal contant

    143 Koop je daar ook kleren en schoenen?

    144 Kun je me dat nog eens uitleggen ?

    145 Kunnen we er niet over praten ?

    146 Kunt u dat nog eens herhalen.

    147 Kunt u me daar wat meer over vertellen ?

    148 Kunt u mij vertellen hoe laat het is?

    149 Kunt u op een andere dag niet terugkomen ?

    150 Kunt u wat langzamer praten

    151 Laagland betekent dat er geen bergen zijn

    152 Lag je tot negen uur te slapen?

    153 Lange tenen hebben.

    154 Lange vingers hebben.

    155 Later als je groot bent mag jij ook

    156 Let op je rug

    157 Lisa heeft ruzie met haar oudere broer

    158 Mag het iets meer zijn ?

    159 Mag ik even kijken?

    160 Mag ik me even voorstellen ?

    161 Mag ik u enkele vragen stellen?

    162 Mag ik van u de rekening ?

    163 Mag ik van u een bos tulpen ?

    164 Miriam gaat het liefst elke dag winkelen

    165 Marianne is een meisje. Ze is twaalf jaar

    166 Marjolijn heeft het fietsen onder de knie

    167 Mehmet gaat naar de groenteman, hij koopt appels

    168 Merel trekt haar sok aan

    169 Met de hoed in de hand kom je door het hele land.

    170 Met kerstmis sneeuwde het in Nederland.

    171 Mevrouw Jansen gaat naar de tandarts

    172 Mijn auto is in goede staat

    173 Mijn broer doet gewoonlijk de afwas

    174 Mijn broertje en ik gaan naar de Kermis

    175 Mijn buurman is rond de vijftig

    176 Mijn fiets heeft een lekke band.

    177 Mijn man en ik houden erg van paprika

    178 Mijn man heeft heel goed gekookt.

    179 Mijn man kookt heel goed.

    180 Mijn man kookte heel goed.

    181 Mijn mobiel is stuk.

    182 Mijn moeder brengt mij elke dag naar school

    183 Mijn moeder heeft een bloem getekend.

    184 Mijn moeder is het huis aan het schoonmaken.

    185 Mijn moeder houdt veel van bloemen

    186 Mijn moeder is bezig met het huis schoon te maken.

    187 Mijn moeder is op leeftijd

    188 Mijn moeder kan niet tegen schelden

    189 Mijn moeder staat het huis schoon te maken.

    190 Mijn moeder tekende een bloem.

    191 Mijn moeder tekent een bloem.

    192 Mijn oma is 85 jaar. Ze is dus heel oud

    193 Mijn oma is op die rode brommer gekomen.

    194 Mijn oma is op een rode brommer gekomen.

    195 Mijn oom uit Canada komt dit weekend op bezoek

    196 Mijn opa en oma wonen bij mij in de buurt

    197 Mijn opa en oma wonen in Turkije

    198 Mijn ouders gaan op bezoek bij de buren

    199 Mijn ouders hebben een nieuw huis gekocht.

    200 Mijn ouders kochten een nieuw huis.
#24.03.2010 09:41 0 0 0